TitelBureau en lessenaars uit het kantoor van de houthandel Oppedijk te IJlst.
Herstelleronbekend
Stichwörterhouthandelaren, IJlst, Oppedijk, W.J.
Objektnummer1976-233
Periode van1855
Periode tot1865
BeschreibungBureau voor de directeur en daaraan verbonden drie lessenaars voor klerken. Koperen balie. Aan het bureau een gesneden raam, waarin plankjes geschoven kunnen worden met de woorden 'STOOM', 'RAT','THUIS', en 'UIT' om aan te geven waar de directeur bereikbaar was. Veel beschadigingen aan hout en leer.
HintergrundinformationHet bureau is afkomstig uit het kantoor van houthandel Wed. W.J. Oppedijk te IJlst. In 1976 betrok de directie van de houthandel Firma Wed. W.J. Oppedijk te IJlst een nieuw kantoor. Het oude kantoor aan de Zevenpelzen werd verlaten. De archieven werden afgestaan aan het Rijksarchief te Leeuwarden en kantoorinventaris aan het Fries Scheepvaart Museum. De inventaris is van omstreeks 1860. De geschilderde stukken die geïntegreerd waren in de betimmering van het kantoor zijn ingelijst en hebben een plaats gekregen in het nieuwe kantoor., literatuur:
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1975-1976, pp. 29-30
BeschreibungLinnenkast. Twee deuren met boogvormig lijstwerk. Biedermeier-stijl. Het fineer laat op enkele plaatsen los, de achterwand sluit niet, evenmin als de deuren.
HintergrundinformationDe kast was waarschijnlijk bestemd voor plaatsing op een slaapkamer., literatuur:
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1975-1976, p. 30
TitelBreeuwhamer van Michiel Tromp Visser (1838-1911).
Herstelleronbekend
StichwörterVisser, Michiel Tromp
Objektnummer1977-147
Periode van1860
Periode tot1880
BeschreibungHouten hamer met een dikke kop met naar onder toelopende kanten.
HintergrundinformationDe hamer is als breeuwhamer gebruikt door Michiel Tromp Visser, geboren in 1838 en overleden in 1911. Met de dikke korte hamerkop is het geen breeuwamer van het gebruikelijke type. Dit type hamer wordt meer gebruikt bij het werken met beitels door bijvoorbeeld timmerlieden, beeld- en steenhouwers., Een meer gebruikelijke breeuwhamer is een hamer met een langwerpige harde tweezijdige kop. De steel was van harsvrij hout om blaren van het langdurige breeuwen te voorkomen. De kop was meestal van palmhout verstevigd met stalen ringen en vaak voorzien van klinkbouten door de kop om splijten te voorkomen. Veel breeuwhamers hebben langwerpige sleuven en gaten door de kop. De harde kop en deze sleuven gaven een specifieke klank. Iedere hamer had een eigen klank en volgens Sopers kon "het geoefend oor van den werfbaas .. daaraan hooren of de verschillende timmerlieden ijverig met hun werk bezig waren", literatuur: - A.K. Mulder, Ald Ark (Leeuwarden, 1990)
- P.J.V.M. Sopers, Schepen die verdwijnen (Amsterdam 1974) p. 36
- P. Dorleijn, De bouwgeschiedenis van de botter (Franeker 1998)
TitelBûse van witte katoen. Versierd met borduurwerk.
Herstelleronbekend
Objektnummer1976-091
Periode van1800
Periode tot1825
BeschreibungBûse van witte katoen. Versierd met borduurwerk in platsteek en knopen in de vorm van rand- en bloemmotieven. Sluiting: dubbel katoenen koord.