TitelScheepsbouwtekening van een tjalk van 13,51 meter lang.
HerstellerRoorda, Bauke
Stichwörterskûtsjes, tjalken
Objektnummer1991-377
Periode van1900
Periode tot1950
BeschreibungScheepsbouwtekening van een tjalk. Potlood op papier. Schaal niet aangegeven. Zij-, boven-, voor- en achteraanzicht. Afmetingen (metriek): lengte 13,51. Opdrachtgever: onbekend.
HintergrundinformationOp de andere kant van het papier de tekening met inv.nr. 1991-401., Bauke Roorda (1878-1958) was de zoon van Berend Tjeerds Roorda (1848-1928) die eerst scheepstimmerknecht was bij Pieter Haykes van der Werf aan de Langewijk te Drachten. In 1896 begon hij een eigen werf aan de Boven Drachten en verhuisde in 1902 naar het Molenend te Drachten bij de brug De Piip. Bauke Roorda had drie broers van wie er twee met hem de werf van hun vader overnamen. Bauke Roorda werd erkend als baas, hij tekende de schepen. Broer Tjeerd Roorda deed het smidswerk en broer Wouter Roorda het timmerwerk. Bauke Roorda heeft het vak geleerd bij Eeltje Holtrop van der Zee te Joure. Daar werkte hij tot 1896, het jaar waarin zijn vader een eigen werf begon. Toen de vraag naar ijzeren schepen groeide ging Bauke Roorda in de leer bij de Groninger scheepsbouwer J. Mulder te Vierverlaten. Beide leermeesters zijn in de schepen van Roorda te herkennen. De schepen kunnen veel lading hebben, maar de Groninger vorm was Roorda niet naar de zin. Hij bouwde zijn schepen in het achterschip gepiekt (als de boeiers van Van der Zee). Daardoor zijn het snelle schepen. Rond 1925 nam de vraag naar nieuwe schepen af en ging de werf over tot het aannemen van constructiewerk, met name van waterbouwkundige werken (bruggen, sluizen, etc.)., literatuur:
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1991, pp. 18-19.
TitelScheepsbouwtekening: voorsteven van een boltjalk voor Postuma in de Valom.
HerstellerRoorda, Bauke
Stichwörterboltjalken, tjalken
Objektnummer1991-381
Periode van1906
Periode tot1906
BeschreibungScheepsbouwtekening: voorsteven van een boltjalk of bolschip. Potlood op papier. Schaal niet aangegeven. Afmetingen: niet aangegeven. Opdrachtgever: Postuma, De Valom.
HintergrundinformationArchief van werf De Piip van de Gebroeders Roorda te Drachten: - werfboek nr. 1: 'Bolschip Postuma Valom. 39 ton. Begonnen 5 Maart 1906, afgeleverd met mast, wicht en giek den 17 juni 1906 voor den som van f. 1600'. - inv.nr. 14 Bauke Roorda (1878-1958) was de zoon van Berend Tjeerds Roorda (1848-1928) die eerst scheepstimmerknecht was bij Pieter Haykes van der Werf aan de Langewijk te Drachten. In 1896 begon hij een eigen werf aan de Boven Drachten en verhuisde in 1902 naar het Molenend te Drachten bij de brug De Piip. Bauke Roorda had drie broers van wie er twee met hem de werf van hun vader overnamen. Bauke Roorda werd erkend als baas, hij tekende de schepen. Broer Tjeerd Roorda deed het smidswerk en broer Wouter Roorda het timmerwerk. Bauke Roorda heeft het vak geleerd bij Eeltje Holtrop van der Zee te Joure. Daar werkte hij tot 1896, het jaar waarin zijn vader een eigen werf begon. Toen de vraag naar ijzeren schepen groeide ging Bauke Roorda in de leer bij de Groninger scheepsbouwer J. Mulder te Vierverlaten. Beide leermeesters zijn in de schepen van Roorda te herkennen. De schepen kunnen veel lading hebben, maar de Groninger vorm was Roorda niet naar de zin. Hij bouwde zijn schepen in het achterschip gepiekt (als de boeiers van Van der Zee). Daardoor zijn het snelle schepen. Rond 1925 nam de vraag naar nieuwe schepen af en ging de werf over tot het aannemen van constructiewerk, met name van waterbouwkundige werken (bruggen, sluizen, etc.)., literatuur:
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1991, pp. 18-19.
TitelScheepsbouwtekening: ronding van een boltjalk voor Postuma in de Valom.
HerstellerRoorda, Bauke
Stichwörterboltjalken, tjalken
Objektnummer1991-383
Periode van1906
Periode tot1906
BeschreibungScheepsbouwtekening: ronding van het voorschip van een boltjalk of bolschip. Potlood op papier. Schaal niet aangegeven. Afmetingen: niet aangegeven. Opdrachtgever: Postuma, De Valom.
HintergrundinformationArchief van werf De Piip van de Gebroeders Roorda te Drachten: - werfboek nr. 1: 'Bolschip Postuma Valom. 39 ton. Begonnen 5 Maart 1906, afgeleverd met mast, wicht en giek den 17 juni 1906 voor den som van f. 1600'. - inv.nr. 14 Bauke Roorda (1878-1958) was de zoon van Berend Tjeerds Roorda (1848-1928) die eerst scheepstimmerknecht was bij Pieter Haykes van der Werf aan de Langewijk te Drachten. In 1896 begon hij een eigen werf aan de Boven Drachten en verhuisde in 1902 naar het Molenend te Drachten bij de brug De Piip. Bauke Roorda had drie broers van wie er twee met hem de werf van hun vader overnamen. Bauke Roorda werd erkend als baas, hij tekende de schepen. Broer Tjeerd Roorda deed het smidswerk en broer Wouter Roorda het timmerwerk. Bauke Roorda heeft het vak geleerd bij Eeltje Holtrop van der Zee te Joure. Daar werkte hij tot 1896, het jaar waarin zijn vader een eigen werf begon. Toen de vraag naar ijzeren schepen groeide ging Bauke Roorda in de leer bij de Groninger scheepsbouwer J. Mulder te Vierverlaten. Beide leermeesters zijn in de schepen van Roorda te herkennen. De schepen kunnen veel lading hebben, maar de Groninger vorm was Roorda niet naar de zin. Hij bouwde zijn schepen in het achterschip gepiekt (als de boeiers van Van der Zee). Daardoor zijn het snelle schepen. Rond 1925 nam de vraag naar nieuwe schepen af en ging de werf over tot het aannemen van constructiewerk, met name van waterbouwkundige werken (bruggen, sluizen, etc.)., literatuur:
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1991, pp. 18-19.
TitelScheepsbouwtekening van een boltjalk voor A. Hoogeveen.
HerstellerRoorda, Bauke
Stichwörterboltjalken, tjalken
Objektnummer1991-389
Periode van1909
Periode tot1909
BeschreibungScheepsbouwtekening van een boltjalk of bolschip. Potlood op papier. Voor- en achteraanzicht. Schaal niet aangegeven. Afmetingen: niet aangegeven. Opdrachtgever: A. Hoogeveen, Drachten.
HintergrundinformationArchief van werf De Piip van de Gebroeders Roorda te Drachten: - werfboek nr. 42: 'Bolschip A. Hoogeveen. Begonen 25 August 1909, Afgeleverd 3 November 1909. Prijs f. 1600.' - inv.nr. 42 Bauke Roorda (1878-1958) was de zoon van Berend Tjeerds Roorda (1848-1928) die eerst scheepstimmerknecht was bij Pieter Haykes van der Werf aan de Langewijk te Drachten. In 1896 begon hij een eigen werf aan de Boven Drachten en verhuisde in 1902 naar het Molenend te Drachten bij de brug De Piip. Bauke Roorda had drie broers van wie er twee met hem de werf van hun vader overnamen. Bauke Roorda werd erkend als baas, hij tekende de schepen. Broer Tjeerd Roorda deed het smidswerk en broer Wouter Roorda het timmerwerk. Bauke Roorda heeft het vak geleerd bij Eeltje Holtrop van der Zee te Joure. Daar werkte hij tot 1896, het jaar waarin zijn vader een eigen werf begon. Toen de vraag naar ijzeren schepen groeide ging Bauke Roorda in de leer bij de Groninger scheepsbouwer J. Mulder te Vierverlaten. Beide leermeesters zijn in de schepen van Roorda te herkennen. De schepen kunnen veel lading hebben, maar de Groninger vorm was Roorda niet naar de zin. Hij bouwde zijn schepen in het achterschip gepiekt (als de boeiers van Van der Zee). Daardoor zijn het snelle schepen. Rond 1925 nam de vraag naar nieuwe schepen af en ging de werf over tot het aannemen van constructiewerk, met name van waterbouwkundige werken (bruggen, sluizen, etc.)., literatuur:
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1991, pp. 18-19.
TitelScheepsbouwtekening van een tjalk voor Jongeling, Wierum.
HerstellerRoorda, Bauke
Stichwörterboltjalken, tjalken
Objektnummer1991-391
Periode van1910
Periode tot1910
BeschreibungScheepsbouwtekening van een tjalk. Potlood op papier. Zij-, boven-, voor- en achteraanzicht. Schaal niet aangegeven. Afmetingen (metriek): lengte 15,84, de rest is niet aangegven. Opdrachtgever: Jongeling, Wierum.
HintergrundinformationOp de andere kant van het papier de tekening met inv.nr., Archief van werf De Piip van de Gebroeders Roorda te Drachten: - werfboek nr. 49: 'Tjalkschip Jongeling Wierum. begonen Augustus 1910, afgeleverd Nov 1910. Prijs f. 1800'. Bauke Roorda (1878-1958) was de zoon van Berend Tjeerds Roorda (1848-1928) die eerst scheepstimmerknecht was bij Pieter Haykes van der Werf aan de Langewijk te Drachten. In 1896 begon hij een eigen werf aan de Boven Drachten en verhuisde in 1902 naar het Molenend te Drachten bij de brug De Piip. Bauke Roorda had drie broers van wie er twee met hem de werf van hun vader overnamen. Bauke Roorda werd erkend als baas, hij tekende de schepen. Broer Tjeerd Roorda deed het smidswerk en broer Wouter Roorda het timmerwerk. Bauke Roorda heeft het vak geleerd bij Eeltje Holtrop van der Zee te Joure. Daar werkte hij tot 1896, het jaar waarin zijn vader een eigen werf begon. Toen de vraag naar ijzeren schepen groeide ging Bauke Roorda in de leer bij de Groninger scheepsbouwer J. Mulder te Vierverlaten. Beide leermeesters zijn in de schepen van Roorda te herkennen. De schepen kunnen veel lading hebben, maar de Groninger vorm was Roorda niet naar de zin. Hij bouwde zijn schepen in het achterschip gepiekt (als de boeiers van Van der Zee). Daardoor zijn het snelle schepen. Rond 1925 nam de vraag naar nieuwe schepen af en ging de werf over tot het aannemen van constructiewerk, met name van waterbouwkundige werken (bruggen, sluizen, etc.)., literatuur:
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1991, pp. 18-19.
- Zie ook voor meer historie: http://www.zeilenmetvriendschap.nl/oude_eigenaren.html en http://www.zeilenmetvriendschap.nl/documenten.html
TitelScheepsbouwtekening: voorsteven van de boltjalk voor K. van der Molen, Luinjeberd
HerstellerRoorda, Bauke
Stichwörterboltjalken, tjalken
Objektnummer1991-393
Periode van1913
Periode tot1913
BeschreibungScheepsbouwtekening: de voorsteven van een boltjalk of bolschip. Potlood op papier. Schaal niet aangegeven. Afmetingen van het schip: niet aangegeven. Opdrachtgever: K. van der Molen, Luinjeberd.
HintergrundinformationArchief van werf De Piip van de Gebroeders Roorda te Drachten: - werfboek nr. : werfboek: 'Bolschip K. van der Molen, Luinjeberd. begonen 2 April 1913, afgeleverd 15 Mei 1913'. - inv.nrs. 3 en 61 Bauke Roorda (1878-1958) was de zoon van Berend Tjeerds Roorda (1848-1928) die eerst scheepstimmerknecht was bij Pieter Haykes van der Werf aan de Langewijk te Drachten. In 1896 begon hij een eigen werf aan de Boven Drachten en verhuisde in 1902 naar het Molenend te Drachten bij de brug De Piip. Bauke Roorda had drie broers van wie er twee met hem de werf van hun vader overnamen. Bauke Roorda werd erkend als baas, hij tekende de schepen. Broer Tjeerd Roorda deed het smidswerk en broer Wouter Roorda het timmerwerk. Bauke Roorda heeft het vak geleerd bij Eeltje Holtrop van der Zee te Joure. Daar werkte hij tot 1896, het jaar waarin zijn vader een eigen werf begon. Toen de vraag naar ijzeren schepen groeide ging Bauke Roorda in de leer bij de Groninger scheepsbouwer J. Mulder te Vierverlaten. Beide leermeesters zijn in de schepen van Roorda te herkennen. De schepen kunnen veel lading hebben, maar de Groninger vorm was Roorda niet naar de zin. Hij bouwde zijn schepen in het achterschip gepiekt (als de boeiers van Van der Zee). Daardoor zijn het snelle schepen. Rond 1925 nam de vraag naar nieuwe schepen af en ging de werf over tot het aannemen van constructiewerk, met name van waterbouwkundige werken (bruggen, sluizen, etc.)., literatuur:
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1991, pp. 18-19.