BeschreibungZilveren bodebus. Bevestigd op geel-zwart lint. De bodebus is versierd met rocailles. Op de haak is de Gerechtigheid afgebeeld. Aan de haak is met drie ketting het wapen van Sneek bevestigd: zilveren omslijsting met kroon, leeuw en wildeman om een in glas gevat stadswapen. Op de achterzijde een onbekend meesterteken 'HM'.
HintergrundinformationBodebussen zijn onderscheidingstekens van stadhuisbodes of gerechtsdienaren., HM is waarschijnlijk een onbekende Sneker meester zilversmid. Het merk komt ook voor op het zilveren voetstuk van het beeld van de Heilige Maria van Zevenwouden in Bolsward. Vreemd genoeg is daar hetzelfde meesterteken gebruikt in combinatie met de stedelijke keur van Leeuwarden., literatuur:
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1980, p. 23
TitelZilveren gesp of bodebus met wapen van Sneek.
Herstelleronbekend
Stichwörterheraldiek, Sneek
Objektnummer1980-065
Periode van1742
Periode tot1742
BeschreibungZilveren gesp of bodebus met het gedreven stadswapen van Sneek en daaronder: 'S.P.Q.S. (Senatus Populus Que Snecanus) / 1742'.
HintergrundinformationBodebussen zijn onderscheidingstekens van stadhuisbodes of gerechtsdienaren. Dit exemplaar zou ook de gesp van een bandelier van de stadsomroeper geweest kunnen zijn., literatuur:
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1980, p. 23
BeschreibungZilveren hensbeker. Bierpul met los deksel. Cilindirsch van vorm, staand op drie kogelpoten. Gladde wand met afbeelding van het alliantiewapen van Anhalt - Oranje Nassau. In de beker de inscriptie 'Haar Hoogheid Henriette Catharina geboren Princesse van Orangen Furstinne / Douariere van Anhalt, heeft desen aan de Magistraat van Sneek vereert / anno 1696'. Een van de pootjes is opnieuw aangesoldeerd
HintergrundinformationDe beker is de stad Sneek in 1696 aangeboden door Henriëtte Catharina van Oranje Nassau - Anhalt, als blijk van waardering voor het feit dat haar het ereburgerschap van de stad was aangeboden. De prinses, dochter van Frederik Hendrik en schoonmoeder van de Friese stadhouder Hendrik Casimir II, had te kennen gegeven de verkrijging van het ereburgerschap op prijs te stellen en het stadsbestuur vond haar verzoek bijzonder vererend. Het liet, na inschrijving van de naam van de prinses in het burgerboek, een met snijwerk versierd memoriebord ophangen in het raadhuis. De stadsbode Zijlstra reisde naar Anhalt en bracht in een zilveren doos de burgerschapsakte aan de prinses die uit dankbaarheid twee zilveren henspotten schonk. Eelco Napjus schrijft er in zijn kroniek van Sneek uit 1772 over: 'Dese twee konstig gemaakte massyf, Zilveren vergulde Bekers, die dese Vorstinne aan de Magistraat deser Stad heeft vereerd zijn altijd bij den Heer Secretaris in der tijd, in bewaringe, de Grootste houd wel 3 Bouteltjes Wijn, is zeer konstig Gedreven, heeft een Handvat en Deksel met een Knier. De kleinste is een ander Fatsoen, waarop konstig gesneden staat het Wapen van Hare Hoogheid, op deselve is een Deksel, en heeft onder 3 zilvere Kloten, welke voor voeten dienen; op Beide staat Gesneden, dat se door voorschr. Vorstinne, aan de Magistraat in dat Jaar vereert zijn. Zij worden alle Jaren, op Nieu-Jaar-Avond, en ook Enkeld op Extra Ordinaris Tijden, door Haar Ed. Achtbare gebruikt ter Gedagtenisse, van dese Gebeurtenisse'., Opmerkingen van Prof. dr. Joh. ter Molen, directeur van Nationaal Museum Paleis het Loo: De beker werd in Augsburg vervaardigd en gekeurd. Het meesterteken, een monogram HL, komt in die vorm evenwel niet in het grote merkenboek van Seling voor. Daardoor blijft de maker onbekend. Het model van het stadskeur-stempel lijkt het meest op dat van 1684-'89. De beker was dus al een tiental jaren oud, toen deze weggegeven werd.
In het platendeel van Seling staat wel een foto van een vrijwel identieke gladde beker met deksel, die door een (andere) Augsburgse zilversmid gemaakt is in de jaren 1655-'60., literatuur:
- Helmut Seling, Die Kunst der Augsburger Goldschmiede 1529-1868 : Meister, Marken, Werke, München 1980 (niet in eigen bibliotheek)
- H. Halbertsma, Het Sneker Stadhuis, p. 11
- H. Halbertsma en W.H. Keikes, Sneek drie kronen met ere (Sneek, 1953) pp. 53 en 86
- Eelco Napjus, historische Cronyk van Sneek (Sneek, 1772) pp. 77-78, 139-140
- Archief van de Stad Sneek: O.A.S. 74 (burgerboek 1612-1803) 26 aug. 1696, O.A.S. 5 (resolutieboek 1707) folio 147, O.A.S. 322 (Rekeningboek) 16 de. 1696, O.A.S. 367 (betalingsordonnanties) 4 dec. 1696.
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1980, pp. 23-25 - Ph.H. Breuker, 'De vestiging van een politiek betrekkelijk onafhankelijk stadhouderschap in Friesland (1657-1672) in: It Beaken 60 (1998), nr. 3/4, pp. 283-284.
TitelZilveren memorielepel van Wybbe Buma (1700-1777).
Herstelleronbekend
Stichwörterheraldiek, Buma, Wybbe
Objektnummer1982-334
Periode van1700
Periode tot1700
BeschreibungZilveren memorielepel. Dubbel getordeerde steel. Steelbekroning: allegrorische vrouwenfiguur met anker en duif (Hoop). Achterzijde bak: 'Wybbe Buma is Gebooren den 13 Auguste 1700 / En Overleden / den 2 August 1777'. Daartussen, omgeven door takken en onder een kroon het familiewapen Buma.
HintergrundinformationWybbe Buma. Geboren te Sneek 13 aug. 1700, gedoopt 18 aug. 1700. was koopman te Sneek. Trouwde te Sneek op 11 juli 1723 met Rebecca Joukes Joukema (1697-1764). Wybbe Buma was geschied- en letterkundige, mede-gecommitteerde wegens Sneek tot de doleantiën 1748, dadelijk administrator van de weesplaats Tjallingastate te Westernijkerk (1749-1777), grondeigenaar te Brons (stem 17) en Weidum (stem 4, 6, 8, 10, 22 en 25). had huizen in Leeuwarden en Sneek. Overleden te Amsterdam 2 aug. 1777, begraven te Sneek 22 aug. 1777. Wanneer het de meester is die het stempel Voet II 871 gebruikte betreft het een zilversmid die zonder zijn naam en woonplaats op de gildeplaten voorkwam., literatuur:
- E.J.C. Kamerling 'Kwartierstaat Gerlacus Buma' in Gens Nostra april 1993, pp. 216-217
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1982, p. 27
BeschreibungBorstel, met zilver beslagen. Het zilver is met drijf- en graveerwerk versierd: acanthusloof, krullen, palmbladeren en in het midden een gekroond wapen. Het wapen (van een bakker?) is kruislings gedeeld door twee broodschieters. In de vier velden afbeeldingen van broden, honingraten, etc.
TitelBodebus van de bode van het beurtschip Sneek - Amsterdam.
Herstelleronbekend
Stichwörterheraldiek, beurtschepen, Sneek
ObjektnummerZ-083
Periode van1802
Periode tot1802
BeschreibungDraagteken of bodebus, bestaande uit het wapen van Sneek en daaronder het jaartal 1802. Daaronder, aan kettinkjes hangend, een beurtschip. Het draaglint ontbreekt.
HintergrundinformationVolgens oude registratieformulieren is de bodebus het draagteken van de boden van het beurtschip van Sneek op Amsterdam., literatuur:
- Sneeker Nieuwsblad 26 nov. 1954
TitelZilveren memorielepel met de wapens van Reynalda en Kingma.
Herstelleronbekend
Stichwörterheraldiek, Reynalda, Kingma
Objektnummer1982-339
Periode van1654
Periode tot1654
BeschreibungZilveren memorielepel. Waarschijnlijk is de lepel in de achttiende eeuw gewijzigd. Maar op de achterzijde van de bak draagt de lepel nog de gegraveerde wapens Reynalda en Kingma. Daarboven tussen linten de initialen H.R. en A.K.
HintergrundinformationHopeke (Hopperus) Reynalda (1628-1689) huwde in 1654 Antje Heres Kingma (1627-1692). Het zijn de ouders van Dirckje Reynalda (Stavoren 1661 - Sneek 1708), die in 1683 in Sneek huwde met Fedde Wybes Buma (Dearsum 1649 - Sneek 1722)., literatuur:
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1982, p. 27
- Ingekomen brieven 30 nov. 1999
TitelAmsterdamse meester - signet (alliantiewapens) met zilveren handvat.
Herstelleronbekend
Stichwörterheraldiek
ObjektnummerZ-057
Periode van1750
Periode tot1800
BeschreibungSignet of lakstempel van koper met harpvormige, met zilveren handgreep. Het stempel drukt twee alliantiewapens af: het mannelijk wapen is overdwars gedeeld, het vrouwelijk in vieren. De figuren in de velden zijn moeilijk te herkennen.
HintergrundinformationDe schenkster woonde met haar zuster in Eefde in een huis met de naam 'Kleinzand', genoemd naar de gracht in Sneek, waaraan hun ouders hadden gewoond., literatuur:
- Jaarverslag Fries Scheepvaart Museum 1963, p. 13
- Ruud van der Neut 'Impressies van het verleden' in: Tableau jaargang 19 (1996) nr. 1, pp. 80-85.
BeschreibungSignet. Zilver. Handvat in ajour, versierd met krullen. Het stempel: een door bladkrullen omgeven wapen met kroon. Het wapen in afgedrukte vorm: links een halve adelaar en recht (van boven naar onder) een handschoen, een haspel en een muts. Het signet hangt aan een ketting van schalmen die uit zilverkabel zijn gemaakt.
HintergrundinformationHet signet is gebruikt door Claes Piers Sjollema. Zoon van Pier Johannes Sjollema (1734-1782) en Tetje Klazes Sipsma (1743-1782). Vader Johannes Sjollema was scheepsbouwmeester te Grou. Claes Piers Sjollema is geboren 12 febr. 1767 en overleden 18 nov. 1850. Hij is op 25 maart 1787 getrouwd met Dieuwke Andries (geboren 1766). Net als zijn vader was Claes Piers Sjollema scheepsbouwmeester te Grou. Daarnaast was hij Assessor van de grietenij Idaarderadeel en ouderling van de Nederlands Hervormde Kerk van Grou. Ook was hij boekhouder van het Kofschip De Jonge Cornelis. Enkele afrekeningen van zijn hand bevinden zich in het archief Ate G. Reitsma (bewaard in het Fries Scheepvaart Museum). Klaas Sjollema was patriot. Toen deze partij aan de verliezende hand was vluchtte hij naar Engeland. Een jaar later keerde hij heimelijk terug en woonde in het geheim bij een boer op De Bird bij Grou. Van Klaas Sjollema is een protret bekend. Een kopie daarvan wordt bewaard in de Knipselmap Sjollema., literatuur:
- Ruud van der Neut 'Impressies van het verleden' in: Tableau jaargang 19 (1996) nr. 1, pp. 80-85.
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1996, p. 22
BeschreibungZilveren memorielepel. Ovale bak met achterop een gegraveerde inscriptie: in het midden een door guirlande omgeven kader met daarin '1850-1900' en langs de rand 'De firma Joh.s. Halbertsma / Sneek'. De steel is met een rattestaart aan de bak verboden. De dubbel getordeerde en opengewerkte steel is gegoten. In de onderkant van de steel rolwerk en een engelenkopje. De bovenkant van de steel is eveneens versierd met rolwerk. De steelbekroning bestaat uit een cirkel met daarop een liggende koe. In de cirkel een afbeelding van een gekroond wapen dat door een wildeman en leeuw wordt gehouden. Het wapen is in vieren gedeeld: linksboven een schrijvende hand, rechtsboven een passer en een aardkloot, rechtsonder drie klavers en linksonder een karnton. Onder het kroontje staat: 'Ora et Labora.' Onder het wapen: 'Joh. Halbertsma'. Op de achterkant van de cirkel is gegraveerd 'Aan / Haije Stienstra'.
HintergrundinformationDe lepels werden ter gelegenheid van het 50-jarig jubileum van de zaak uitgedeeld aan het personeel en de relaties van de firma Joh. Halbertsma te Sneek., literatuur:
- Sneeker Nieuwsblad 27 dec. 1972.
- Sneeker Nieuwsblad 4 dec. 1972.