BeschrijvingHouten Rigalepel. Beschilderd en gestempeld met bloem- en druppelvormen in de kleuren rood, zwart en goud.
AchtergrondinformatieDe lepel is door vererving in de familie gebleven en stamt uit een zeevarende familie op Schiermonnikoog. -1- Schenkster mevr. Ninette (Nienke) Bakker (geboren 30 jan. 1916) dochter van -2- Jacob Bakker (1884-1978) en Grietje Onnes (1884-1968). Jacob Bakker was commissaris bij het loodswezen. Grietje Onnes is dochter van -3- Remke Onnes (1851-1923) en Wiegeltje Vil (1852-1945). Beiden waren afkomstig van Schiermonnikoog. Remke Onnes was gezagvoerder op een lichtschip. Een broer van hem, Piet, had een zoon Klaas. Hij is de schilder van het schilderij van het vergaan van een schip (G-106). Wiegeltje Vil is dochter van -4- Hendrik Douwe Vil, gezagvoerder te Schiermonnikoog. In de fotocollectie van het museum bevinden zich foto's van bovengenoemde personen. Riganappen en ander Rigawerk werden door zeelui gekocht in Riga en in andere havenplaatsen aan de Oostzee. Het gebied waar de nappen gemaakt werden lag rond Chockloma aan de Wolga. In de 17de eeuw begon daar de productie van nappen die gedraaid werden uit berken- of lindenhout. Ze werden beschilderd of gestempeld met bladvormige of geometrische versieringen. De belangrijkste kleuren zijn rood en zwart, aangevuld met goud, zilver of groen. Na vernissing werden de nappen gemoffeld (in de oven verhit). De naar Nederland meegenomen nappen werden gebruikt als siervoorwerp of als afwasbakje (dan voorzien van een koperen binnenbak)., literatuur:
- Ingekomen Stukken 7 nov. 1994.
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1994, p. 24
BeschrijvingZilveren cargadoorslepel. Bak en steel zijn uit één deel gemaakt. De voorzijde van de steel is versierd (gietwerk) met bloemmotieven rondom een blanco banderol. Op de achterzijde van de steel: 'G.W. Schröder & Co. Riga 1853'.
AchtergrondinformatieIn de havens aan de Oostzee schonken de cargadoors of bevrachters aan scheepskapiteins die een lading graan innamen een zilveren lepel als kaplaken, dat is een premie boven de vrachtprijs om goede zorg voor de lading te dragen. De lepel is door vererving in de familie gebleven en stamt uit een zeevarende familie op Schiermonnikoog: -1- Schenkster mevr. Ninette (Nienke) Bakker (geboren 30 jan. 1916) dochter van -2- Jacob Bakker (1884-1978) en Grietje Onnes (1884-1968). Jacob Bakker was commissaris bij het loodswezen. Grietje Onnes is dochter van -3- Remke Onnes (1851-1923) en Wiegeltje Vil (1852-1945). Beiden waren afkomstig van Schiermonnikoog. Remke Onnes was gezagvoerder op een lichtschip. Een broer van hem, Piet, had een zoon Klaas. Hij is de schilder van het schilderij van het vergaan van een schip (G-106). Wiegeltje Vil is dochter van -4- Hendrik Douwe Vil, gezagvoerder te Schiermonnikoog. In de fotocollectie van het museum bevinden zich foto's van bovengenoemde personen., literatuur:
- Ingekomen Stukken 7 nov. 1994. - Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1994, p. 24.
- A.R. Kelder, Maritieme verzamelingen. Cargadoors- of Oostzeelepels, in: De Blauwe Wimpel, jaargang 59 (2004), nr. 11, p. 436-437.
- A. Westers, Oostzeelepels in de verzameling van het Kapiteinshuis Pekela, in: Jaarverslag 2004 Kapiteinshuis Pekela/Stichting Westers, p. 8-16.
BeschrijvingHouten Rigalepel. Beschilderd in de kleuren zwart en rood op goudkleurige ondergrond.
AchtergrondinformatieRiganappen en ander Rigawerk werden door zeelui gekocht in Riga en in andere havenplaatsen aan de Oostzee. Het gebied waar de nappen gemaakt werden lag rond Chockloma aan de Wolga. In de 17de eeuw begon daar de productie van nappen die gedraaid werden uit berken- of lindenhout. Ze werden beschilderd of gestempeld met bladvormige of geometrische versieringen. De belangrijkste kleuren zijn rood en zwart, aangevuld met goud, zilver of groen. Na vernissing werden de nappen gemoffeld (in de oven verhit). De naar Nederland meegenomen nappen werden gebruikt als siervoorwerp of als afwasbakje (dan voorzien van een koperen binnenbak).
BeschrijvingHouten rigalepel. Beschilderd met geometrische motieven in de kleuren zwart en rood op een bronskleurig ondergrond.
AchtergrondinformatieRiganappen en ander Rigawerk werden door zeelui gekocht in Riga en in andere havenplaatsen aan de Oostzee. Het gebied waar de nappen gemaakt werden lag rond Chockloma aan de Wolga. In de 17de eeuw begon daar de productie van nappen die gedraaid werden uit berken- of lindenhout. Ze werden beschilderd of gestempeld met bladvormige of geometrische versieringen. De belangrijkste kleuren zijn rood en zwart, aangevuld met goud, zilver of groen. Na vernissing werden de nappen gemoffeld (in de oven verhit). De naar Nederland meegenomen nappen werden gebruikt als siervoorwerp of als afwasbakje (dan voorzien van een koperen binnenbak).
BeschrijvingRiganap. Gedraaid hout. Beschilderd met bloemmotieven in de kleuren rood, groen, zwart en goud. De beschildering is aan de buitenzijde afgeschilferd.
AchtergrondinformatieRiganappen en ander Rigawerk werden door zeelui gekocht in Riga en in andere havenplaatsen aan de Oostzee. Het gebied waar de nappen gemaakt werden lag rond Chockloma aan de Wolga. In de 17de eeuw begon daar de productie van nappen die gedraaid werden uit berken- of lindenhout. Ze werden beschilderd of gestempeld met bladvormige of geometrische versieringen. De belangrijkste kleuren zijn rood en zwart, aangevuld met goud, zilver of groen. Na vernissing werden de nappen gemoffeld (in de oven verhit). De naar Nederland meegenomen nappen werden gebruikt als siervoorwerp of als afwasbakje (dan voorzien van een koperen binnenbak).
BeschrijvingZilveren cargadoorslepel. Bak en steel zijn uit één deel gemaakt. Geen versiering. In de achterkant van de steel een uitgesleten stippelgravure: 'F.E. Vrater & Co. / in Pillau'. tevens op de achterzijde een zig-zag-lijn ontstaan bij de toetsing van het zilvergehalte.
AchtergrondinformatieIn de havens aan de Oostzee schonken de cargadoors of bevrachters aan scheepskapiteins die een lading graan innamen een zilveren lepel als kaplaken, dat is een premie boven de vrachtprijs om goede zorg voor de lading te dragen. Pillau (Baltiisk) is een voorhaven van Koningsbergen, gelegen aan het Frisches Haf (Oostzee), 120 km. ten noordoosten van Gdansk. Tot 1945 behoorde het tot Oost-Pruisen, daarna tot de Sovjet Unie. De lepel is door vererving in de familie gebleven en stamt uit een zeevarende familie op Schiermonnikoog: -1- Schenkster mevr. Ninette (Nienke) Bakker (geboren 30 jan. 1916) dochter van -2- Jacob Bakker (1884-1978) en Grietje Onnes (1884-1968). Jacob Bakker was commissaris bij het loodswezen. Grietje Onnes is dochter van -3- Remke Onnes (1851-1923) en Wiegeltje Vil (1852-1945). Beiden waren afkomstig van Schiermonnikoog. Remke Onnes was gezagvoerder op het lichtschip De Maas. Een broer van hem, Piet, had een zoon Klaas. Hij is de schilder van het schilderij van het vergaan van een schip (G-106). Wiegeltje Vil is dochter vanVil is dochter van -4- Hendrik Douwe Vil, gezagvoerder te Schiermonnikoog In de fotocollectie van het museum bevinden zich foto's van bovengenoemde personen., literatuur:
- Ingekomen Stukken 7 nov. 1994.
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1994, p. 24.
- A.R. Kelder, Maritieme verzamelingen. Cargadoors- of Oostzeelepels, in: De Blauwe Wimpel, jaargang 59 (2004), nr. 11, p. 436-437.
- A. Westers, Oostzeelepels in de verzameling van het Kapiteinshuis Pekela, in: Jaarverslag 2004 Kapiteinshuis Pekela/Stichting Westers, p. 8-16.