BeschrijvingRiganap. Gedraaid hout. Beschilderd met bloemmotieven in de kleuren rood, groen, zwart en goud. De beschildering is aan de buitenzijde afgeschilferd.
AchtergrondinformatieRiganappen en ander Rigawerk werden door zeelui gekocht in Riga en in andere havenplaatsen aan de Oostzee. Het gebied waar de nappen gemaakt werden lag rond Chockloma aan de Wolga. In de 17de eeuw begon daar de productie van nappen die gedraaid werden uit berken- of lindenhout. Ze werden beschilderd of gestempeld met bladvormige of geometrische versieringen. De belangrijkste kleuren zijn rood en zwart, aangevuld met goud, zilver of groen. Na vernissing werden de nappen gemoffeld (in de oven verhit). De naar Nederland meegenomen nappen werden gebruikt als siervoorwerp of als afwasbakje (dan voorzien van een koperen binnenbak).
BeschrijvingTabakspot. Vervaardigd uit een glad gemaakte cocosnoot. Het deksel is it de noot gezaagd en is voorzien van een knop (waarschijnlijk een kleine noot). De pot heeft drie bolpoten in dezelfde vorm als de knop van het deksel.
AchtergrondinformatieDe tabakspot is waarschijnlijk een zeemanssouvenir. De pot is altijd gebruikt door de vader van de schenkster, Jacob Bakker, die commissaris was bij het loodswezen. Omdat hij zelf nooit op de tropen heeft gevaren is er het vermoeden dat de tabakspot afkomstig is uit de familie van zijn vrouw, Grietje Onnes. -1- Schenkster mevr. Ninette (Nienke) Bakker (geboren 30 jan. 1916) dochter van -2- Jacob Bakker (1884-1978) en Grietje Onnes (1884-1968). Jacob Bakker was commissaris bij het loodswezen. Grietje Onnes is dochter van -3- Remke Onnes (1851-1923) en Wiegeltje Vil (1852-1945). Beiden waren afkomstig van Schiermonnikoog. Remke Onnes was gezagvoerder op een lichtschip. Wiegeltje Vil is dochter van -4- Hendrik Douwe Vil, gezagvoerder te Schiermonnikoog. In de fotocollectie van het museum bevinden zich foto's van bovengenoemde personen., Literatuur:
- Ingekomen Stukken 7 nov. 1994 en 16 nov. 1994.
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1994, p. 24
BeschrijvingZilveren cargadoorslepel. Bak en steel zijn uit één deel gemaakt. Geen versiering. In de achterkant van de steel een uitgesleten stippelgravure: 'F.E. Vrater & Co. / in Pillau'. tevens op de achterzijde een zig-zag-lijn ontstaan bij de toetsing van het zilvergehalte.
AchtergrondinformatieIn de havens aan de Oostzee schonken de cargadoors of bevrachters aan scheepskapiteins die een lading graan innamen een zilveren lepel als kaplaken, dat is een premie boven de vrachtprijs om goede zorg voor de lading te dragen. Pillau (Baltiisk) is een voorhaven van Koningsbergen, gelegen aan het Frisches Haf (Oostzee), 120 km. ten noordoosten van Gdansk. Tot 1945 behoorde het tot Oost-Pruisen, daarna tot de Sovjet Unie. De lepel is door vererving in de familie gebleven en stamt uit een zeevarende familie op Schiermonnikoog: -1- Schenkster mevr. Ninette (Nienke) Bakker (geboren 30 jan. 1916) dochter van -2- Jacob Bakker (1884-1978) en Grietje Onnes (1884-1968). Jacob Bakker was commissaris bij het loodswezen. Grietje Onnes is dochter van -3- Remke Onnes (1851-1923) en Wiegeltje Vil (1852-1945). Beiden waren afkomstig van Schiermonnikoog. Remke Onnes was gezagvoerder op het lichtschip De Maas. Een broer van hem, Piet, had een zoon Klaas. Hij is de schilder van het schilderij van het vergaan van een schip (G-106). Wiegeltje Vil is dochter vanVil is dochter van -4- Hendrik Douwe Vil, gezagvoerder te Schiermonnikoog In de fotocollectie van het museum bevinden zich foto's van bovengenoemde personen., literatuur:
- Ingekomen Stukken 7 nov. 1994.
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1994, p. 24.
- A.R. Kelder, Maritieme verzamelingen. Cargadoors- of Oostzeelepels, in: De Blauwe Wimpel, jaargang 59 (2004), nr. 11, p. 436-437.
- A. Westers, Oostzeelepels in de verzameling van het Kapiteinshuis Pekela, in: Jaarverslag 2004 Kapiteinshuis Pekela/Stichting Westers, p. 8-16.
TitelBord van creamware aardewerk met voorstelling van een driemaster.
Vervaardigeronbekend
Trefwoordendriemasters, Groot-Brittannië
Objectnummer1987-315
Periode van1800
Periode tot1900
BeschrijvingBord van Engels aardewerk (creamware), met voorstelling van een onder vol tuig varende driemaster. Geschulpte rand. Groenig crème glazuur.
AchtergrondinformatieHet bord is als zeemanssouvenir meegenomen uit Engeland., literatuur:
- Bert Vreeken, 'Wedgwood onder zeil: enkele gedateerde borden van Engels aardewerk met een nautisch drukdecor en Nederlandse opschriften' in: Vorm Geven aan Veelzijdigheid: opstellen aangeboden aan Wim Crouwel ter gelegenheid van zijn afscheid als directeur van Museum Boymans-van Beuningen (Rotterdam, 1993) pp. 58-67.
BeschrijvingEen paar Engelse honden van Staffordshire aardewerk. Houding: zittend. Witte poedels met korfje in de bek. In de korf drie jonge honden. Lichtblauwe halsband.
AchtergrondinformatieBeeldjes van honden als deze werden door zeelieden meegenomen als souvenir uit Engeland. Ze werden vaak geplaatst in de vensterbanken van scheepsroeven., literatuur:
- Gerhard Kaufman en Manfred Meinz (red), Englische Keramik und Oblaten (catalogus Altonaer Museum Hamburg, 1970).
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1988, p. 25
BeschrijvingEen Engelse hond van Staffordshire aardewerk. Houding: staand. Witte poedel met korfje in de bek.
AchtergrondinformatieBeeldjes van honden als deze werden door zeelieden meegenomen als souvenir uit Engeland. Ze werden vaak geplaatst in de vensterbanken van scheepsroeven., literatuur:
- Gerhard Kaufman en Manfred Meinz (red), Englische Keramik und Oblaten (catalogus Altonaer Museum Hamburg, 1970).
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1988, p. 25