BeschrijvingRiganap. Gedraaid hout. Beschilderd in de kleuren rood, zwart en goudkleur. Druppelvormen, spiralen en slingerlijn.
AchtergrondinformatieDeze Riganap is afkomstig uit de boekder van Homma Zuidersma te Oosterwolde.
Riganappen en ander Rigawerk werden door zeelui gekocht in Riga en in andere havenplaatsen aan de Oostzee. Het gebied waar de nappen gemaakt werden lag rond Chockloma aan de Wolga. In de 17de eeuw begon daar de productie van nappen die gedraaid werden uit berken- of lindenhout. Ze werden beschilderd of gestempeld met bladvormige of geometrische versieringen. De belangrijkste kleuren zijn rood en zwart, aangevuld met goud, zilver of groen. Na vernissing werden de nappen gemoffeld (in de oven verhit). De naar Nederland meegenomen nappen werden gebruikt als siervoorwerp of als afwasbakje (dan voorzien van een koperen binnenbak)., literatuur:
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1981, p. 16
TitelCargadoorslepel van Christian Magnus Schroder uit Libau.
Vervaardigeronbekend
TrefwoordenLetland, Oostzee, Liepaja
Objectnummer2011-005
Periode van1770
Periode tot1770
BeschrijvingZilveren cargadoorslepel. Gladde steel, die met een dubbel lof is bevestigd aan de bak. Op de achterzijde van de steel: 'Christian Magnus Schroder Liebau 1770'. Achterzijde bak: 'W.T. Tysma 1938'. Bovenaan de steel aan de voorzijde tweemaal een onbekend makersmerk: 'HM'
AchtergrondinformatieChristian Magnus Schröder was koopman te Libau. Deze stad is tegenwoordig bekend onder de naam Liepaja en is een havenstad gelegen in het zuidwesten van Letland. Deze lepel werd mee naar Friesland genomen door Lolle Harings Nauta (1764-1828) schipper/koopman/boer te Woudsend. In de periode 1792-1802 maakte hij reizen naar de Oostzee, Frankrijk, Spanje en Portugal met het schip Wietske Tromp van Visser, later onder Duitse vlag (De Freundschaft)., Bij welke gelegenheid de lepel in tweede instantie werd gegraveerd is onbekend. Dat gebeurde wel binnen de familiekring van Lolle Harings Nauta: W.T. Tijsma was een zoon van Grietje Nauta en daarmee een achterkleinzoon van Lolle Harings Nauta. Ook daarna bleef de lepel in de familie: schenker is ook een Tijsma., In de havens aan de Oostzee schonken de cargadoors of bevrachters aan scheepskapiteins die een lading graan innamen een zilveren lepel als kaplaken, dat is een premie boven de vrachtprijs om goede zorg voor de lading te dragen., literatuur:
- A.R. Kelder, Maritieme verzamelingen. Cargadoors- of Oostzeelepels, in: De Blauwe Wimpel, jaargang 59 (2004), nr. 11, p. 436-437.
- A. Westers, Oostzeelepels in de verzameling van het Kapiteinshuis Pekela, in: Jaarverslag 2004 Kapiteinshuis Pekela/Stichting Westers, p. 8-16.