TitelVijf onderdelen van schaatsijzers van noren van het merk G.S. Ruiter te Akkrum.
VervaardigerRuiter, G.S. (Akkrum)
Objectnummer1998-379
Periode van1950
Periode tot1970
BeschrijvingVijf onderdelen van schaatsijzers van een noor: hakstukken met bussen. De hoogte van de bussen is verschillend (hoge en lage noren). Halfproducten.
AchtergrondinformatieDe halfproducten van de noor zijn afkomstig uit de fabrieksvoorraad van de firma G.S. Ruiter te Akkrum. De schenker Ids Willemsma is zoon van de laatste directeur van de schaatsenfabriek, Abe Willemsma. Geert Stevens Ruiter (1820-1891) was de grondlegger van de schaatsenfabriek Ruiter te Akkrum. In 1889 nam zoon Geert Ruiter (1861-1916) het bedrijf over. Hij breidde het aanzienlijk uit. Door een verschil van mening over de bedrijfsvoering met medefirmant Johannes de Jong (1860-1925) verliet Geert Ruiter in 1901 Akkrum en vestigde zich in Bolsward. De Jong zette het bedrijf in Akkrum voort onder de naam firma G.S. Ruiter. In 1920 werd de firma een naamloze vennootschap. Er werkten rond de 25 man bij dit bedrijf. In 1929 werd Tjeerd Dijkstra (1892-1963) directeur. Hij wist met veel moeite het bedrijf de crisis en de Tweede Wereldoorlog door te loodsen, mede ook door andere producten te maken. In 1948 werd de door Abe Willemsma (1919 - ) ontwikkelde hoge noor in productie genomen. Willemsma werd in 1963 directeur. Door concurrentie van noren uit Japan was hij genoodzaakt in 1970 het bedrijf te sluiten., literatuur:
- W. Blauw (e.a.) Friese schaatsenmakers (Franeker, 1994) pp. 71-72.
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1998, p. 38
TitelEen schaatshout van een stheemanschaats vervaardigd door de fa. G.S. Ruiter te Akkrum.
VervaardigerRuiter, G.S. (Akkrum)
Objectnummer1998-369
Periode van1950
Periode tot1970
BeschrijvingEen schaatsenhout van een stheemanschaats. Halfproduct: ruwe vorm, niet geschuurd en niet gelakt.
AchtergrondinformatieHet schaasthout is afkomstig uit de fabrieksvoorraad van de firma G.S. Ruiter te Akkrum. De schenker Ids Willemsma is zoon van de laatste directeur van de schaatsenfabriek, Abe Willemsma. Geert Stevens Ruiter (1820-1891) was de grondlegger van de schaatsenfabriek Ruiter te Akkrum. In 1889 nam zoon Geert Ruiter (1861-1916) het bedrijf over. Hij breidde het aanzienlijk uit. Door een verschil van mening over de bedrijfsvoering met medefirmant Johannes de Jong (1860-1925) verliet Geert Ruiter in 1901 Akkrum en vestigde zich in Bolsward. De Jong zette het bedrijf in Akkrum voort onder de naam firma G.S. Ruiter. In 1920 werd de firma een naamloze vennootschap. Er werkten rond de 25 man bij dit bedrijf. In 1929 werd Tjeerd Dijkstra (1892-1963) directeur. Hij wist met veel moeite het bedrijf de crisis en de Tweede Wereldoorlog door te loodsen, mede ook door andere producten te maken. In 1948 werd de door Abe Willemsma (1919 - ) ontwikkelde hoge noor in productie genomen. Willemsma werd in 1963 directeur. Door concurrentie van noren uit Japan was hij genoodzaakt in 1970 het bedrijf te sluiten., literatuur:
- W. Blauw (e.a.) Friese schaatsenmakers (Franeker, 1994) pp. 71-72.
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1998, p. 38
TitelTien schenkels (schaatsijzers) en halfproducten daarvan van G.S. Ruiter.
VervaardigerRuiter, G.S. (Akkrum)
Objectnummer1998-375
Periode van1950
Periode tot1970
BeschrijvingTien schenkels (schaatsijzers) en halfproducten daarvan (uitgeknipte ijzers die nog niet verder zijn bewerkt).
AchtergrondinformatieDe schaatsijzers zijn afkomstig uit de fabrieksvoorraad van de firma G.S. Ruiter te Akkrum. De schenker Ids Willemsma is zoon van de laatste directeur van de schaatsenfabriek, Abe Willemsma. Geert Stevens Ruiter (1820-1891) was de grondlegger van de schaatsenfabriek Ruiter te Akkrum. In 1889 nam zoon Geert Ruiter (1861-1916) het bedrijf over. Hij breidde het aanzienlijk uit. Door een verschil van mening over de bedrijfsvoering met medefirmant Johannes de Jong (1860-1925) verliet Geert Ruiter in 1901 Akkrum en vestigde zich in Bolsward. De Jong zette het bedrijf in Akkrum voort onder de naam firma G.S. Ruiter. In 1920 werd de firma een naamloze vennootschap. Er werkten rond de 25 man bij dit bedrijf. In 1929 werd Tjeerd Dijkstra (1892-1963) directeur. Hij wist met veel moeite het bedrijf de crisis en de Tweede Wereldoorlog door te loodsen, mede ook door andere producten te maken. In 1948 werd de door Abe Willemsma (1919 - ) ontwikkelde hoge noor in productie genomen. Willemsma werd in 1963 directeur. Door concurrentie van noren uit Japan was hij genoodzaakt in 1970 het bedrijf te sluiten., literatuur:
- W. Blauw (e.a.) Friese schaatsenmakers (Franeker, 1994) pp. 71-72.
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1998, p. 38
TitelEen paar stheemanschaatsen van het merk G.S. Ruiter, Akkrum.
VervaardigerRuiter, G.S. (Akkrum)
Objectnummer1999-139
Periode van1950
Periode tot1970
BeschrijvingEen paar stheemanschaatsen of Friese noren. Volledig montuur. Op de linker schaats een stempel met 'Platte Hak Model nr. 5 Friese Noor'. Op de rechter schaats een etiket met gekruiste Friese en Nederlandse vlag en 'N.V. Stoomschaatsenfabriek Fa. G.S. Ruiter Akkrum'.
AchtergrondinformatieGeert Stevens Ruiter (1820-1891) was de grondlegger van de schaatsenfabriek Ruiter te Akkrum. Na smid te zijn geweest in Terherne en Echten vestigde hij zich in 1861 in Akkrum. Hij maakte er als nevenaktiviteit schaatsijzers. In 1889 nam zoon Geert Ruiter (1861-1916) het bedrijf over. Hij breidde het aanzienlijk uit. Hij had goede contacten met mr. Gerard Vissering, met wie hij nieuwe modellen ontwierp. Bekend werd de Vissering-Ruiter-schaats. die later bekend werd als Koninginneschaats. Door een verschil van mening over de bedrijfsvoering met medefirmant Johannes de Jong (1860-1925) verliet Geert Ruiter in 1901 Akkrum en vestigde zich in Bolsward. De Jong zette het bedrijf in Akkrum voort onder de naam firma G.S. Ruiter. Naast schaatsen werden er ook melkbussen en koperwerk gemaakt. In 1920 werd de firma een naamloze vennootschap. Er werkten rond de 25 man bij dit bedrijf. In 1929 werd Tjeerd Dijkstra (1892-1963) directeur. Hij wist met veel moeite het bedrijf de crisis en de Tweede Wereldoorlog door te loodsen, mede ook door andere producten te maken. In 1948 werd de door Abe Willemsma (1919 - ) ontwikkelde hoge noor in productie genomen. Willemsma werd in 1963 directeur. Door concurrentie van noren uit Japan was hij genoodzaakt in 1970 het bedrijf te sluiten., literatuur:
- W. Blauw (e.a.) Friese schaatsenmakers (Franeker, 1994) pp. 71-72.
TitelEen paar stheemanschaatsen van het merk G.S. Ruiter, Akkrum.
VervaardigerRuiter, G.S. (Akkrum)
Objectnummer2003-128
Periode van1950
Periode tot1970
BeschrijvingEen paar stheemanschaatsen of Friese noren. Koninginneschaatsen: metalen voetplaten en breed montuur. Van de rechterschaats is het montuur niet meer compleet.
AchtergrondinformatieGeert Stevens Ruiter (1820-1891) was de grondlegger van de schaatsenfabriek Ruiter te Akkrum. Na smid te zijn geweest in Terherne en Echten vestigde hij zich in 1861 in Akkrum. Hij maakte er als nevenaktiviteit schaatsijzers. In 1889 nam zoon Geert Ruiter (1861-1916) het bedrijf over. Hij breidde het aanzienlijk uit. Hij had goede contacten met mr. Gerard Vissering, met wie hij nieuwe modellen ontwierp. Bekend werd de Vissering-Ruiter-schaats. die later bekend werd als Koninginneschaats. Door een verschil van mening over de bedrijfsvoering met medefirmant Johannes de Jong (1860-1925) verliet Geert Ruiter in 1901 Akkrum en vestigde zich in Bolsward. De Jong zette het bedrijf in Akkrum voort onder de naam firma G.S. Ruiter. Naast schaatsen werden er ook melkbussen en koperwerk gemaakt. In 1920 werd de firma een naamloze vennootschap. Er werkten rond de 25 man bij dit bedrijf. In 1929 werd Tjeerd Dijkstra (1892-1963) directeur. Hij wist met veel moeite het bedrijf de crisis en de Tweede Wereldoorlog door te loodsen, mede ook door andere producten te maken. In 1948 werd de door Abe Willemsma (1919 - ) ontwikkelde hoge noor in productie genomen. Willemsma werd in 1963 directeur. Door concurrentie van noren uit Japan was hij genoodzaakt in 1970 het bedrijf te sluiten.
De schenker dr. Eduard H. Reeser was hoogleraar in de musicologie te Utrecht., literatuur:
- W. Blauw (e.a.) Friese schaatsenmakers (Franeker, 1994) pp. 71-72.
- A.C. Broere, Schaatsen en schaatsenmakers in de 19e en 20e eeuw, Franeker 1988, p. 19 en 40-42.