BeschrijvingTwee cliché's van wapens: één met vier leeuwen en één van Nederland. Op de blokjes staat de naam van de gebruiker van de cliché's: D.G. Minkema, schaatsenmaker te Easterlittens.
AchtergrondinformatieDurk Gerrits Minkema (1825-1887) vestigde zich in 1852 vanuit Heerenveen in de smederij van Heere Westra te Easterlittens. Net als zijn voorganger maakt hij daar ook schaatsijzers voor Keimpe en later Abraham Hoekstra te Wergea. Ook bracht hij schaatsen onder eigen merk op de markt. Minkema was een bekwaam smid die met schaatsen en ander smeedwerk veel prijzen behaalde op nijverheidstentoonstellingen. Rond 1884 namen zijn zoons Durk (1859-1927) en Hans de zaak over. Durk richtte zich op de schaatsen en Hans op het andere smeedwerk. Ze bleven gebruik maken van het merk van hun vader. In 1898 begon Hans Minkema een smederij in Sneek. In 1904 werd een nieuwe fabriek in Easterlittens ingericht. Er werkten 12-14 man personeel en er werd gebruik gemaakt van machines. In mei 1920 sloot het bedrijf., literatuur:
- W. Blauw (e.a.) Friese schaatsenmakers (Franeker, 1994) pp. 104-107.
TitelSpeldje, reclamemateriaal van schaatsenmakerij P.B. te Heerenveen.
Vervaardigeronbekend
TrefwoordenHeerenveen, schaatsmakerijen
Objectnummer1997-022
Periode van1950
Periode tot1975
BeschrijvingReclamespeldje van schaatsenmaker P.B. te Heerenveen. Het spelde heeft de vorm van een Friese schaats met daarboven een halve cirkel en een banderol met daarop 'SUPER P.B.'.
AchtergrondinformatieHet speldje is door Stichting Museum de Fryske Winter aangeboden aan S. ten Hoeve, toen hij op 10 febr. 1997 de Cultuurprijs Wymbritseradiel kreeg aangeboden. Ten Hoeve schonk het speldje terug aan de Stichting. Het speldje is reclamemateriaal van schaatsenmaker P.B. te Heerenveen. Pier Bos (1895-1964) richtte in 1934 samen met Siebe Geertsma (1890-1968) de N.V. Friesche Schaatsenfabriek te Heerenveen op. Als winkelier in touw en leer had Bos al vanaf 1930 schaatsen verkocht (met name van E. Vonk te Oudeschoot). Al vrij snel nam het bedrijf een grote vlucht: na vijf jaar werkten er in het bedrijf al 20 mensen. In 1947 stapte Geertsema uit het bedrijf. In 1955 stopte het bedrijf met het maken van schaatsen., literatuur:
- W. Blauw (e.a.) Friese Schaatsenmakers (Franeker, 1994) pp. 96-97.
TitelElf etiketten van schaatsmakerij J. Nooitgedagt en zn. te IJlst.
Vervaardigeronbekend
Trefwoordenschaatsmakerijen, IJlst, Nooitgedagt, J.
Objectnummer1995-432
Periode van1935
Periode tot1965
BeschrijvingElf etiketten van schaatsmakerij J. Nooitgedagt te IJlst. Drukwerk in de kleuren rood, wit, grijs en blauw. In het midden een voorstelling van een schaatser die de letters 'Nooitgedagt' in het ijs heeft gekrast. Boven de voorstelling 'J. Nooitgedagt & zonen Ylst' en eronder 'let op ons merk: J. Nooitgedagt en zonen IJlst'.
AchtergrondinformatieJan Nooitgedagt (1840-1920) was de grondlegger van de schaatsen- en gereedschapfabriek Nooitgedagt te IJlst. In 1865 kocht hij een smederij en begon daar schaatsen en schaven te maken. De vier zonen van Nooitgedagt werkten ook in het bedrijf: Jarig (1866-1942), Aldert (1871-1929), Tymen (1873-1957) en Jentje (1878-1935). Tegen het einde van de 19de eeuw gingen de zaken goed. In 1893 werd een nieuwe fabriek gebouwd. In 1900 had Nooitgedagt circa 50 man personeel in dienst. De vier zonen maakten studiereizen naar Frankrijk, Engeland en Zweden om op de hoogte te blijven van de nieuwste materialen en productietechnieken. Rond 1900 trad vader Jan uit het bedrijf en namen de vier zonen het bedrijf over. Zij bleven voornamelijk schaatsen en gereedschappen maken. Rond 1935 namen twee kleinzonen van Jan Nooitgedagt het bedrijf over: Jan Jarigs (1893-1945), Jan Alderts (1897-1982). In 1945 kwam Tjitte Jentjes (1917-1988) op de afdeling hout. In 1950 kwamen Jarich Jans (geboren 1922) op de afdeling kantoor en Aldert Jans (geboren 1926) op de afdeling metaal. In 1965 werd de productie van schaatsen gestopt. In 1972 stopte de prodcutie van houten speelgoed. De productie van de steekbeitel werd toen sterkt opgevoerd. Begin jaren negentig kreeg het familiebedrijf een forse klap te verwerken; de grote Zweedse afnemer kocht een beitelfabriek op en zegde het contract met Nooitgedagt op. In 1991 werd er nog een nieuw fabriekspand geopend. Het bedrijf legde zich volledig toe op de metaalproductie. Wybrand Jan Attema, achterkleinzoon van de oprichter Jan Nooitgedagt, ging rond 1995 met pensioen. Er was in de familie geen opvolger. Het bedrijf werd verkocht aan Record Holding te Sheffield. De verwachting dat dit bedrijf de metaalproductie van Sheffield naar IJlst zou verplaatsen, kwam niet uit. Record werd overgenomen door de American Tool Company en dat werd weer ingelijfd in Newell Rubbermaid. IJlst raakte uit beeld. In 2003 sloot de fabriek., literatuur:
- W. Blauw (e.a.) Friese schaatsenmakers (Franeker, 1994) pp. 136-139.
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1981, p. 20
- Jaarboek Fries Scheepvaart Museum 1995, p. 28
BeschrijvingDiploma voor een gouden medaille, uitgereikt aan D.G. Minkema te Easterlittens op de tentoonstelling voor bakkerij- en zuivelbereidingsvoorwerpen, gehouden van 6 tot 13 aug.1889 te Bolsward. Afbeelding van een poort met putti en allegorieën op het bakkersvak en de zuivelbereiding.
AchtergrondinformatieDe oorkonde hoort bij de medaille met inv.nr. 1988-0231-1, Durk Gerrits Minkema (1825-1887) vestigde zich in 1852 vanuit Heerenveen in de smederij van Heere Westra te Easterlittens. Net als zijn voorganger maakt hij daar ook schaatsijzers voor Keimpe en later Abraham Hoekstra te Wergea. Ook bracht hij schaatsen onder eigen merk op de markt. Minkema was een bekwaam smid die met schaatsen en ander smeedwerk veel prijzen behaald op nijverheidstentoonstellingen. Ron 1884 namen zijn zoons Durk (1859-1927) en Hans de zaak over. Durk richtte zich op de schaatsen en Hans op het andere smeedwerk. Ze bleven gebruik maken van het merk van hun vader. In 1898 begon Hans Minkema een smederij in Sneek. In 1904 werd een nieuwe fabriek in Easterlittens ingericht. Er werkten 12-14 man personeel en er werd gebruik gemaakt van machines. In mei 1920 sloot het bedrijf., literatuur:
- W. Blauw (e.a.) Friese schaatsenmakers (Franeker, 1994) pp. 104-107.
BeschrijvingDiploma, versierd met allegorieën op de nijverheid. Uitgereikt met een bronzen medaille van de Vereniging Nijverheid te Leeuwarden aan D.G. Minkema, schaatsenmaker te Easterlittens. Minkema kreeg de prijs voor de door hem tentoongestelde schaatsen en blokken.
AchtergrondinformatieDurk Gerrits Minkema (1825-1887) vestigde zich in 1852 vanuit Heerenveen in de smederij van Heere Westra te Easterlittens. Net als zijn voorganger maakt hij daar ook schaatsijzers voor Keimpe en later Abraham Hoekstra te Wergea. Ook bracht hij schaatsen onder eigen merk op de markt. Minkema was een bekwaam smid die met schaatsen en ander smeedwerk veel prijzen behaald op nijverheidstentoonstellingen. Ron 1884 namen zijn zoons Durk (1859-1927) en Hans de zaak over. Durk richtte zich op de schaatsen en Hans op het andere smeedwerk. Ze bleven gebruik maken van het merk van hun vader. In 1898 begon Hans Minkema een smederij in Sneek. In 1904 werd een nieuwe fabriek in Easterlittens ingericht. Er werkten 12-14 man personeel en er werd gebruik gemaakt van machines. In mei 1920 sloot het bedrijf., literatuur:
- W. Blauw (e.a.) Friese schaatsenmakers (Franeker, 1994) pp. 104-107.
BeschrijvingCatalogus van de schaatsen die D.G. Minkema, schaatsenmaker te Easterlittens, vervaardigde en verkocht. De tekst is met bruine inkt gedrukt, de afbeeldingen van de schaatsen, 18 stuks, zijn lichtbruin / zilverkleurig ingekleurd.
AchtergrondinformatieDurk Gerrits Minkema (1825-1887) vestigde zich in 1852 vanuit Heerenveen in de smederij van Heere Westra te Easterlittens. Net als zijn voorganger maakt hij daar ook schaatsijzers voor Keimpe en later Abraham Hoekstra te Wergea. Ook bracht hij schaatsen onder eigen merk op de markt. Minkema was een bekwaam smid die met schaatsen en ander smeedwerk veel prijzen behaalde op nijverheidstentoonstellingen. Rond 1884 namen zijn zoons Durk (1859-1927) en Hans de zaak over. Durk richtte zich op de schaatsen en Hans op het andere smeedwerk. Ze bleven gebruik maken van het merk van hun vader. In 1898 begon Hans Minkema een smederij in Sneek. In 1904 werd een nieuwe fabriek in Easterlittens ingericht. Er werkten 12-14 man personeel en er werd gebruik gemaakt van machines. In mei 1920 sloot het bedrijf., literatuur:
- W. Blauw (e.a.) Friese schaatsenmakers (Franeker, 1994) pp. 104-107.