TitelScheepsbouwtekening van een zeilboot uit de jeugdklasse van het K.V.N.W.V.
VervaardigerK.V.N.W.V.
Trefwoordenjeugdklasse
Objectnummer1989-983
Periode van1950
Periode tot1950
BeschrijvingScheepsbouwtekening (lichtdruk) van een zeilboot uit de jeugdklasse van het K.V.N.W.V. (Pluis): midzwaard, roer, spiegel, steven en spanten. Schaal 1:15.
Achtergrondinformatieliteratuur:
- J. van Vollenhove, Wat zeilt daar? (Amsterdam, z.j.), pp. 48-49
TitelVier scheepsbouwtekeningen van een zeilboot uit de jeugdklasse der K.V.N.W.V.
VervaardigerK.V.N.W.V.
Trefwoordenjeugdklasse
ObjectnummerT-198
Periode van1950
Periode tot1950
BeschrijvingVier scheepsbouwtekeningen van een zeilboot uit de jeugdklasse der K.V.N.W.V., ook wel Pluis genoemd. Blauwdrukken en lichtdrukken. Zeilplan, lijnenplan, spantenplan en constructie.
AchtergrondinformatieDe tekening is afkomstig van Jachtwerf G. Doevendans te Sneek., literatuur:
- J. van Vollenhove, Wat zeilt daar? (Amsterdam, z.j.), pp. 48-49
TitelTwee scheepsbouwtekeningen van een olympiajol.
VervaardigerK.V.N.W.V.
Trefwoordenolympiajollen, jollen
ObjectnummerT-268
Periode van1936
Periode tot1936
BeschrijvingTwee bouwtekeningen van een olympiajol. Blauwdrukken. Tekeningnr. 6: zeilplan. Schaal 1:20.
AchtergrondinformatieDe tekening is afkomstig van Jachtwerf G. Doevendans te Sneek., literatuur:
- J. van Vollenhove, Wat zeilt daar? (Amsterdam, z.j.) pp. 40-41
BeschrijvingBouwtekening van een olympiajol. Blauwdruk. Tekeningnr. 2: kiel, spiegel, steven. Schaal 1:1 en 1:10.
AchtergrondinformatieDe tekening is afkomstig van Jachtwerf G. Doevendans te Sneek., literatuur:
- J. van Vollenhove, Wat zeilt daar? (Amsterdam, z.j.) pp. 40-41
TitelTwee scheepsbouwtekeningen van een olympiajol.
VervaardigerK.V.N.W.V.
Trefwoordenolympiajollen, jollen
ObjectnummerT-267
Periode van1936
Periode tot1936
BeschrijvingTwee Bouwtekeningen van een olympiajol. Blauwdrukken. Tekeningnr. 5: roer en beslag. Schaal 1:2 en 1:1.
AchtergrondinformatieDe tekening is afkomstig van Jachtwerf G. Doevendans te Sneek., literatuur:
- J. van Vollenhove, Wat zeilt daar? (Amsterdam, z.j.) pp. 40-41
TitelTwee scheepsbouwtekeningen van een olympiajol.
VervaardigerK.V.N.W.V.
Trefwoordenolympiajollen, jollen
ObjectnummerT-266
Periode van1936
Periode tot1936
BeschrijvingTwee scheepsbouwtekeningen van een olympiajol. Blauwdrukken. Tekeningnr. 3: mast en boom. Schaal 1:2 en 1:10.
AchtergrondinformatieDe tekening is afkomstig van Jachtwerf G. Doevendans te Sneek., literatuur:
- J. van Vollenhove, Wat zeilt daar? (Amsterdam, z.j.) pp. 40-41
AchtergrondinformatieDe tekening is afkomstig van Jachtwerf G. Doevendans te Sneek., literatuur:
- J. van Vollenhove, Wat zeilt daar? (Amsterdam, z.j.) pp. 40-41
TitelTwee scheepsbouwtekeningen van een zeilboot uit de jeugdklasse.
VervaardigerK.V.N.W.V.
Trefwoordenjeugdklasse
Objectnummer1989-984
Periode van1950
Periode tot1950
BeschrijvingTwee scheepsbouwtekeningen (lichtdrukken) van een zeilboot uit de jeugdklasse der K.V.N.W.V. (Pluis): zeilplan, mast en giek. Schaal 1:10. Met meetschema, meetrapport en bestek.
Achtergrondinformatieliteratuur:
- J. van Vollenhove, Wat zeilt daar? (Amsterdam, z.j.), pp. 48-49
BeschrijvingWaterkaart van het zuidelijk deel van Friesland met detailkaarten van Leeuwarden, Harlingen, Sneek en Grou. Meerkleurendruk. Schaal 1:50.000. Aan de achterzijde beplakt met damast ter versteviging.
TitelTwee tekeningen behorend bij een prijsvraag van de KVNWV: een tjalk en een stevenaak
VervaardigerK.V.N.W.V.
Trefwoordentjalken, stevenaken
Objectnummer2007-203
Periode van1961
Periode tot1961
BeschrijvingZijaanzichten met zeilplan van een tjalk en een stevenaak zonder opbouw.
AchtergrondinformatieDe tekeningen zijn afkomstig uit het archief van Romke de Vries, Architect en scheepsontwerper te Leeuwarden en Den Haag. De prijsvraag werd gepubliceerd in de Waterkampioen (oktober 1961 p. 1299). Naar alle waarschijnlijkheid heeft R. Romke de Vries deze tekeningen opgevraagd voor een eventuele deelname aan de prijsvraag. Of hij daadwerkelijk een ontwerp heeft gemaakt en ingeleverd is onbekend., (Biografische gegevens afkomstig van de website van de Stichting Bonas: www.bonas.nl)
Romke Romke de Vries werd als Romke de Vries op 7 juli 1908 geboren in Oldenzaal als zoon van Jan Romke de Vries en Emma Gesina Temme. Op aanraden van zijn vader begon Romke de Vries in de oorlog zijn naam voluit te voeren om verwarring met een andere architect De Vries, die lid was van de Nationaal Socialistische Beweging (NSB), te voorkomen. Dit is hij sindsdien altijd blijven doen. Zijn zoon J.R. Romke de Vries heeft er in de jaren zeventig voor gezorgd dat dit ook hun officiële achternaam werd. Zodoende werd de volledige naam van de architect dus Romke Romke de Vries. Reeds op jonge leeftijd viel Romke de Vries op door zijn aanleg voor tekenen. Van zijn oom Johan J.G. Temme in Enschede, in die tijd een bekend tekenaar en illustrator kreeg hij tussen 1918 en 1922 tekenles. Van 1921 tot 1926 bezocht Romke de Vries de gemeentelijke Hogere Burger School (HBS) in Hengelo. Hij was lid van de Twentse Toneelvereniging en voor verschillende stukken waarin hij speelde, ontwierp hij de decors. Ook ontwierp hij de posters, waarmee stukken aangekondigd werden. Veel van zijn tekeningen, affiches en decorontwerpen zijn bewaard gebleven.
Van 1926 tot 1930 studeerde Romke de Vries bouwkunde aan de Middelbare Technische School (MTS) in Leeuwarden. Nadat hij was afgestudeerd, werkte hij in de jaren 1931-1933 als tekenaar bij A. Baart en D. Gros, beide in Leeuwarden. Tussen 1933 en 1938 was hij opzichter-tekenaar en later chef-de-bureau bij bureau Nieuwland & Van der Vegte, eveneens in Leeuwarden. In 1938 vertrok Romke de Vries naar Amsterdam om daar aan de Academie van Bouwkunst te gaan studeren. In 1940 startte Romke de Vries een eigen bureau aan de Suezkade in Den Haag. Vervolgens woonde en werkte hij van 1945 tot 1986 aan de Van Voorschotenlaan in Den Haag waar hij woonde tot aan zijn overlijden. Vanaf 1953 tot heden is het bureau gevestigd aan de Van Voorschotenlaan 15 te Den Haag.
R. Romke de Vries was een enthousiast wedstrijdzeiler. In een door hemzelf ontworpen boot in de Vrijbuiterklasse deed hij aan vele andere wedstrijden mee en won diverse prijzen. Hij was lid van diverse zeilverenigingen, onder andere de K.Z.V. Oostergoo, waarvoor hij de clubdas ontwierp. Begin jaren dertig bestudeerde hij rompvormen, m.n. van wedstrijdzeiljachten, zoals de Duitse Rennjollen. Hij begon met het ontwerpen van zeilen voor wedstrijdboten, doorgelatte grootzeilen voor de populaire wedstrijdklassen Lark en Vrijbuiter. In 1935 nam hij deel aan een prijsvraag van de Noord Nederlandse Watersportbond voor een nieuwe 22 m2 toer- en wedstrijdzeiljachtklasse.
In 1936 deed Romke de Vries als zeilmaker aan boord van het zeiljacht Zeearend van Cees Bruynzeel mee aan de Bermudarace. Romke de Vries ontwierp een aantal open en kajuitzeiljachten met diverse rompvormen. Ze variëren van een eenvoudig open zeiljachtje met platte bodem tot rondgebouwde jachten met geveegd onderwaterschip, geprononceerde kimmen en slanke tuigages, die aangename zeileigenschappen verraden. De grotere kajuitjachten vallen op door hun ruimtelijke interieurs. Een bijzonder onderdeel van zijn scheepsontwerpen vormen de vele ontwerpen, waarin hij bestaande schepen aan een nieuwe functie aanpaste. Al voor de Tweede Wereldoorlog verbouwde Romke de Vries een aantal reddingssloepen tot zeiljacht en recreatiewoonschip. Na de oorlog ontwierp hij aanpassingsplannen voor een aantal voormalige vrachtschepen tot woonschip. Opvallend bij Romke de Vries is dat hij ze radicaal aanpaste om een maximum aan verblijfsruimte te winnen, maar dat hij daarbij de karakteristieke vorm van deze historische schepen eerbiedigde.
Ook schreef Romke de Vries over de watersport en jacht- en scheepsontwerpen; hij was medewerker van de watersportbladen Waterkampioen, De Golfslag en Watersport voor Friesland.
BeschrijvingTwee scheepsbouwtekeningen van de valkenklasse. A: lichtdruk, lijnenplan en spantuitslagenlijst, schaal 1:10; B: Correctieschets spantuitslagenlijst op briefpapier van de N.N.W.B. gedateerd 01-01-1964. Op A zijn de gecorrigeerde maten van B met potlood overgenomen.
AchtergrondinformatieDe tekeningen zijn afkomstig uit de tekeningenverzameling van scheepswerf Jaap Tromp te Sneek. De werf aan de Jachthavenstraat was gestart door Jan Kuipers die in 1963 werd opgevolgd door G. Doevendans. In 1976 nam Jaap Tromp de werf over en deze bleef actief tot 1986., Afmetingen van de valkenklasse: lengte 6.50 m., breedte 2 m., zeiloppervlak (met genuafok) 18.6 m². De valkenklasse is in 1938 ontworpen door E.G. van de Stadt in opdracht van deurenfabriek Bruynzeel. Dat het jacht werd gemaakt van hechthout baarde destijds veel opzien. Het ontwerp was gericht op seriefabrikage. De productie begon in 1939. Na de Tweede Wereldoorlog stopte de productie bij Bruynzeel. Anderen namen het over. On 1940 verschenen de eerste 100 valken op het water en datzelfde jaar werd de klasse door het KNWV als nationale klasse erkend. In 1967 werd de valkenklasseorganisatie opgericht. Er worden ook veel valken gebouwd van polyester. Deze worden veel gebruikt bij zeilscholen en verhuurbedrijven. In poly-valken mag echter niet gezeild worden bij wedstrijden., Literatuur:
- Elisabeth Spits, Wat zeilt daar? (Eemdijk, 1998), pp. 90-91
- R. de Wijk: Jaap Tromp heeft een Skoit getimmerd/ De skoit is een scheepje op zich, in: De Zeilsport, december 1981 p. 32-35
BeschrijvingTuiglijst (aanbevolen) voor de schakelklasse. Lichtdruk. Het origineel was gedateerd december 1968.
AchtergrondinformatieDe tekening is afkomstig uit de tekeningenverzameling van scheepswerf Jaap Tromp te Sneek. De werf aan de Jachthavenstraat was gestart door Jan Kuipers die in 1963 werd opgevolgd door G. Doevendans. In 1976 nam Jaap Tromp de werf over en deze bleef actief tot 1986., Afmetingen van de schakel: lengte 4.71 m., breedte 1.70 m., zeiloppervlak grootzeil 7.7 m², fok 4.2 m². De schakel is in 1961 door G.J.M. Luyten en D.J. Koopmans ontworpen op intiatief van het KNWV. Er was behoefte aan een nieuwe midzwaard-klasse die tussen de jeugdklassen en de grotere wedstrijdklassen zoals de Vrijheid in zou zitten. Het ontwerp moest geschikt zijn voor toer- en wedstrijdzeilers. Er volgden een aantal testwedstrijden. Het schakelontwerp won. Binnen twee jaar werden er al 250 schakels gebouwd. Sindsdien is dat aantal alleen maar gegroeid. De schakel dankt zijn populariteit niet in de laatste plaats aan de actieve schakelorganisatie. In Friesland is de boot populair bij zeilers die uit de Flits zijn gegroeid. De schakel heeft een V-vormige bodem, is gemaakt van watervast multiplex. De trimmogelijkheden zijn eenvoudig maar goed. Een spinnaker is niet toegestaan. Wel is er een trapeze. Door het ontbreken van een achterdek kunnen twee volwassenen in de kuip slapen. Grote veranderingen in het ontwerp zijn er niet geweest. De grootste wijziging was in 1994 toen de vorm van het roer is veranderd., Literatuur:
- J. van Vollenhove, Wat zeilt daar? (Amsterdam, z.j.), pp. 54-55
- Elisabeth Spits, Wat zeilt daar? (Eemdijk, 1998), pp. 64-65
- R. de Wijk: Jaap Tromp heeft een Skoit getimmerd/ De skoit is een scheepje op zich, in: De Zeilsport, december 1981 p. 32-35